- Index
- Interview met Mikko Iivonen
- Dit is het moment om onze manier van denken te veranderen
- De invloed van isolatie op het rendement van verwarmingssystemen
- Interview met professor Christer Harryson
- Het toenemend gebruik van lage temperatuur-systemen
- Interview met professor dr. Jarek Kurnitski
- Duidelijk bewijs
- Hoe kiest u een warmte-element?
- Interview met Elo Dhaene
- Voordelen voor de eindgebruiker

- Energieverordeningen > Elk Europees land hanteert eigen nationale decreten voor het verbeteren van energieprestaties
- Doelstellingen voor hernieuwbare energie > Strenge doelstellingen zetten gebouweigenaars onder druk om het energieverbruik te verlagen
- Innovatie in radiatoren > Een kleinere waterinhoud en contact tussen de convectielamellen en de warmwaterkanalen leidde tot een hogere warmteafgifte. Bij moderne ontwerpen ligt het materiaalrendement tot 87% hoger dan bij traditionele modellen
Energiedecreten
Elk Europees land hanteert een eigen nationaal decreet
Voorbeelden van doelstellingen voor hernieuwbare energie
Frankrijk: van 10,3 % – tot 23 %
Duitsland: van 9,3 % – tot 18 %
UK: van 1,3 % – tot 15 %
Zweden: van 39 % – tot 49 %
Strenge doelstellingen zetten gebouweigenaars onder druk
Voorbeelden van doelstellingen voor lager energieverbruik
Voorbeelden van doelstellingen voor lager energieverbruik Onze verantwoordelijkheid voor onze eindgebruikers: wij moeten voor hen een comfortabel binnenklimaat scheppen op de meest rendabele en energiezuinige manier.
Wereldwijd maken steeds meer mensen zich zorgen over het milieu, wat leidt tot een sterkere voorkeur bij consumenten voor duurzame producten en processen. Dit maakt duidelijk dat het hoog tijd is om de manier waarop de verwarmingssector te werk gaat, opnieuw te bekijken. De Richtlijn voor ecologisch ontwerp van energiegerelateerde producten 2009/125/EG is hierin richtinggevend. Hieruit komt onze verantwoordelijkheid voor onze eindgebruikers voort: wij hebben het ons tot taak gesteld om een comfortabel binnenklimaat voor hen te scheppen op de meest rendabele en energiezuinige manier. Maar alhoewel er veel verschillende verwarmingsoplossingen beschikbaar zijn, bestaat er nog steeds veel verwarring over de geschiktheid ervan.
Om eindgebruikers, installateurs en voorschrijvers bewust keuzes te kunnen laten maken, is het van groot belang dat juiste informatie over de diverse oplossingen beschikbaar is. Aangezien lage temperatuur-systemen een steeds grotere rol spelen in centrale verwarming, heeft Radson dit handboek samengesteld om het toenemende belang van radiatoren in de moderne verwarmingstechnologie toe te lichten.
Afb. 1.1
Routekaart van enkele landen naar gebouwen die praktisch geen energie verbruiken, voor betere energieprestaties van nieuwbouw. REHVA Journal 3/2011
Innovatie
Een kleinere waterinhoud en contact tussen convectielamellen en de warmwaterkanalen leidde tot een hogere warmteafgifte
Radiatoren hebben zich sterk ontwikkeld sinds de logge kolomconstructies van 40 jaar geleden (afb. 1.2 - 1.3). De eerste stalen paneelradiatoren waren vlakke panelen met een grote waterinhoud (A). Daarna werden tussen de waterkanalen convectielamellen geplaatst die voor een hogere warmteafgifte zorgden (B). In de jaren daarna ontdekte men dat de warmteafgifte kon worden verhoogd door de waterinhoud te verkleinen en de vinnen contact te laten maken met de hete kanalen (C). Daarna werden de kanalen nog vlakker gemaakt en kregen ze de hier getoonde, geoptimaliseerde zeskantige vorm. Hiermee werd het contactoppervlak maximaal, met optimale warmteafgifte.

Tot 87% beter
Bij moderne ontwerpen ligt het materiaalrendement tot 87% hoger dan bij traditionele modellen
In de afgelopen jaren hebben computersimulaties ook sterk bijgedragen aan een hoger energierendement. Dit kwam doordat hiermee diverse factoren konden worden geoptimaliseerd, zoals de stroming van het water door de radiator, de warmteoverdracht naar de convectielamellen en door de optimale stralings- en convectiewarmte naar de ruimte toe te berekenen. Hoewel zo bij moderne ontwerpen het materiaalrendement tot wel 87% hoger ligt dan vroeger, hebben veel mensen toch nog een beeld van radiatoren dat al jaren geleden ouderwets was (afb. 1.3).







