België
Warmtewijzer

Warmtewijzer - September 2018

Welke invloed heeft een verwarmingssysteem op het E-peil?

Weinig termen die de laatste jaren meer in de belangstelling stonden dan het E- en S-peil van gebouwen. Maar wat betekenen die nu eigenlijk? Wat is het verschil? En welke rol spelen de verwarmingssystemen die u installeert? Architect en energieconsulent van Bouwunie Luc Dedeyne legt uit.

Vooral E-peil telt voor warmtearchitecten

“De S van S-peil staat voor ‘schil’ of ‘gebouwenschil’ ”, legt Luc Dedeyne uit. “Dat cijfer is een puur bouwkundige maatstaf die enkel het gebouw in acht neemt. Het E-peil daarentegen houdt ook rekening met de technieken die gebruikt worden in de woning. Het is dus vooral het E-peil dat voor verwarmingsinstallateurs telt.”

“Wat het verwarmingssysteem betreft, spelen de volgende drie vragen een rol in het bepalen van het E-peil. De antwoorden op die vragen zijn de laatste jaren sterk veranderd. Door nieuwe technieken en door betere isolatie, maar ook door hogere comforteisen van bewoners.”

  1. Hoe wordt warmte opgewekt?
    “Warmtearchitecten moeten het globaler zien dan ‘die ketel’ of ‘die warmtepomp’ ”, zegt Luc Dedeyne. “We evolueren naar verwarming op lagere temperaturen: het verschil tussen de opgewekte en afgegeven temperatuur daalt, waardoor ook het benodigde vermogen daalt. Dat is goed voor de energie-efficiëntie en het E-peil.”
     
  2. Hoe wordt de warmte afgegeven?
    “Ook de manier waarop warmte afgegeven wordt, past zich aan die energie-efficiëntere systemen op lagere temperaturen aan. Via verwarming in grote oppervlakken zoals vloer- of muur of via dynamische lage temperatuurradiatoren kan voldoende warmtecomfort gehaald worden.”
     
  3. Hoe wordt warmte rondgestuurd in de woning?
    “De vraag naar energie voor ruimtes neemt dus af door betere isolatie, wat op zich gunstig is voor het E-peil. Maar tegelijk stijgt de energievraag naar sanitair warm water, door grotere baden, zijsproeiers en regendouches.”

    “Die hogere watervraag voor sanitair kan je bijvoorbeeld opvangen door een buffersysteem”, geeft Luc Dedeyne mee als tip. “Je werkt met kleine vermogens, terwijl er toch altijd warm water beschikbaar is.”
Het is vooral het E-peil dat voor verwarmingsinstallateurs telt.
Luc Dedeyne,
energieconsulent voor Bouwunie

 

Tip: aparte energiesector voor de badkamer

In veel badkamers moet u bijverwarmen om uw klanten het gewenste warmtecomfort te bieden. Met decentrale elektrische verwarming bijvoorbeeld. Dat heeft een minder grote impact op het E-peil dan velen denken.  

Luc Dedeyne: “Als u in de badkamer extra elektrische verwarming installeert, dan moeten bouwers en verbouwers aan hun verslaggever vragen om er een aparte energiesector van te maken. Dat scheelt enkele punten in het bepalen van het E-peil.”

Welke invloed hebben uw werken precies op het E-peil?

Luc Dedeyne: “Eerlijk gezegd: het is momenteel een beetje blindvaren. De exacte invloed op het E-peil is erg lastig te bepalen. Zolang je apparatuur gebruikt die de minimale Europese rendementsnormen halen, zit je wel goed.”

“Er is software om dit te berekenen, maar dat is een zéér ingewikkelde materie. We stellen nu onze hoop op EPB 2.0, nieuwe regels die alles veel simpeler en pragmatischer zouden maken. De politieke beslissing daarover moet dit jaar vallen.”